Interview: Steve Mosby

FOK!ker Loukalicious ging naar Amsterdam om thrillerauteur Steve Mosby te interviewen. Mosby was in het land om de aankomende publicatie van zijn nieuwste boek te promoten. Wat je niet wilt zien zal in januari uitkomen bij uitgeverij A.W. Bruna, waar ook zijn eerdere boeken, De 50/50-moorden en Niemand die je hoort zijn verschenen.

*Met dank aan Louke Spigt aka Loukalicious voor het interview*


Seriemoordenaars en hun hobby
Alles maar dan ook alles wat mensen kunnen bedenken is waarschijnlijk ook al eens door mensen gedaan. Ikzelf pas dat alleen toe op vrolijke dingen, al kan ik soms hele vervelende en nare dingen bedenken. Steve Mosby doet daar nog een paar schepjes bovenop en verzint psychologische thrillers met het liefst seriemoordenaars die dan wel weer op heel originele manieren hun hobby uitoefenen. Maar met een twist, en een goed plot. Hij maakt gebruik van excel, want je kunt die verhaallijnen niet zomaar in je hoofd bewaren. Hij heeft ook nog wel van die systeemkaarten liggen, maar die zijn eigenlijk een soort bijwerking van een lastige scŤne die zich nog niet echt laat schrijven. Ik heb hem er wel op gewezen dat hij die goed moet bewaren, want dat gaat geld opleveren voor zijn nageslacht.



Steve's bovenkamer
Ik voorzie grote faam voor Steve. Hij biedt een keuze naast Dan Brown. Zijn bedoeling is om zijn personages zo ver uit te bouwen dat het bijna echte mensen zijn en die dan allemaal op elkaar los te laten. Hij laat je zien hoe een mens heel erg kan ontsporen en in staat kan zijn om de vreselijkste dingen te doen met andere mensen. Je krijgt er begrip voor. Ook de slachtoffers zijn op een bepaalde manier verbonden met hun lot en daarin neemt hij je mee. De boeken zijn slim in elkaar gezet, ik heb in het laatste boek geen los eindje kunnen ontdekken waar ik mee bleef rondlopen. Maar je gaat je toch afvragen of Steve zelf wel helemaal prettig in de bovenkamer is. Want al zijn boeken hebben van die onderwerpen waarvan je kippenvel krijgt.

Valentijnsdag
Ik ben intussen gerustgesteld. Steve is een rustige, aardige jongen die in zijn jeugd gewoon veel Stephen King gelezen heeft. De duistere kant van het menselijk brein fascineerde hem. Een een gezonde fantasie maakt dan van een waargebeurd verhaal ineens een luguber boek. Als service voor de lezer geeft hij er een aparte draai aan. Zo was er tien jaar geleden in Engeland een moord gepleegd op Valentijnsdag, de moordenaar had zichzelf aangegeven maar kon zich niet meer herinneren waar hij het lijk had gelaten. De pers gaf informatie vrij waardoor het lijk is gevonden. Maar Steve vroeg zich af wat er gebeurd zou zijn als de verkeerde mensen het eerst hadden gevonden en het weggenomen zouden hebben. Voila, een goed jaar later is er dit nieuwste boek Still bleeding (red. Wat je niet wilt zien.

GeŽmancipeerde horror
In zijn biografie staat te lezen dat hij in Leeds woont, dat hij psychologie gestudeerd heeft en meegewerkt heeft aan een onderzoek naar sociale veranderingen en wat voor effect dat heeft op mensen in allerlei situaties. Dat is waarschijnlijk opgeschreven door iemand die zijn zenuwen omtrent Steve niet de baas is geworden, want in werkelijkheid heeft hij filosofie gestudeerd en is hij na zijn studie meteen begonnen met schrijven. Om de huur te kunnen betalen is hij gaan werken bij de universiteit van Leeds. Parttime voor de 'Feminist Studies' en parttime voor een studiegroep die onderzoek deed naar sociale veranderingen en de effecten daarvan. De onderwaardering van de sociale zorg en de rol daarvan binnen de welvaartsstaat werd weliswaar door dezelfde groep mensen bestudeerd, maar hij was er gewoon als secretaris aan verbonden. Hij weet er eigenlijk niet zo heel veel vanaf, maar het was wel een prettige omgeving.

Al merkte hij dat het verschil tussen een vrouw als baas hebben en een man als baas hebben nauwelijks merkbaar is als jij toch steeds weer de koffie moet maken. De dames feministes vonden het heel fijn om een man in hun midden te hebben en emancipatie staat hem ook wel erg aan. We hebben het er zelfs nog even over gehad dat het jammer is dat in de horror eigenlijk alleen mannen de monsters kunnen zijn, omdat vrouwen gewoonweg niet geloofwaardig zijn of juist over-afschuwelijk omdat ze een vrouw zijn. Dat vindt Steve dus eigenlijk heel verkeerd. Blijkbaar is onze maatschappij er nog niet aan toe om gruwelijke horror op een geŽmancipeerde manier te zien. Zelfs als je bedenkt dat veel vrouwen het schrijven en lezen, is het wat hem betreft jammer dat het een redelijk machogenre is. Mensen kunnen nu eenmaal beter tegen een mannelijk monster dat zwakke vrouwen belaagt. Dus zijn genre is nog wel aan een stevig robbertje emancipatie toe.

Boeken, boekhandels & bibliotheken
Tegenwoordig schrijft Steve fulltime, hij wilde altijd al auteur worden. Hij is met respect voor boeken opgegroeid in een huishouden met een mooie grote collectie boeken. Waar we nu zitten is ook de bibliotheek (red. het literaire Ambassade hotel in Amsterdam) van het hotel en hij begon dan ook het gesprek met vol ontzag te vertellen dat alle boeken die hier in de kasten staan zijn gesigneerd door de auteurs die hier gelogeerd hebben. Dankbaar dat hijzelf ook ťťn van deze auteurs is en dat er zoveel mensen in de buurlanden wel op zijn werk zitten te wachten en graag vragen op hem afvuren. Die waardering treft hem in Engeland nog niet. Ze hebben daar geen minimumprijsbeleid en de supermarkten kopen dus massaal alle bestsellers in zodat de nieuwkomers eigenlijk geen kans krijgen. Mooie boekhandels zoals wij hier hebben gaan daar helaas steeds vaker failliet. Hij kan daarentegen nog wel gewoon in Leeds in pubs en koffieshops gaan zitten werken waar hij niet belaagd wordt door fans. Zo kijkt hij naar de mensen die er gesprekken voeren en affaires hebben of af en toe losbarsten in een vechtpartijtje. Nieuwe personages, plots en boeken...

Een review van het boek is binnenkort te vinden op FOK!


Steve Mosby's boeken
Mosby is jong, getalenteerd en schrijft over intens gruwelijke zaken, maar op een meeslepende manier, een manier waarmee hij je me gemak meeneemt in de wereld waarvan je eigenlijk wou dat het fictie was. Mosby schrijft dan wel fictie, maar er bestaan dus wel echt zulke gekken en dat voel je. Wat je niet wilt zien gaat over de wereld voor moordmemorabilia en snuff movies. Naast alle gruwel weet Mosby altijd ruimte te bieden aan de psychologie achter zijn hoofdfiguren, de drama's en trauma's, dingen waarmee hij zijn lezers weet te rŠken. Zijn boeken hebben een hoog stel-dat-het-jou-overkomt-gehalte. In De 50/50-moorden was dat bijvoorbeeld: stel dat jij en je geliefde worden ontvoerd en worden gedwongen te kiezen wie er als eerste sterft. Wat doe je dan? Dat boek greep tienduizenden lezers bij de keel en betekende Mosby's internationale doorbraak. Het bleek vooral interessant voor liefhebbers van Cody Mcfadyen, Mo Hayder, en de film Se7en.