Bisschoppen: crisis Groot-BrittanniŽ door honger

Honger is in Groot-Brittannië zo'n groot probleem dat er sprake is van een nationale crisis. Dat staat in een brief aan politici die is ondertekend door 45 van de 59 anglicaanse bisschoppen en zeshonderd andere religieuze leiders. De ondertekenaars vragen premier David Cameron, vicepremier Nick Clegg en oppositieleider Ed Miliband de oorzaken van voedselgebrek, zoals lage inkomens, stijgende voedselprijzen en ontoereikende sociale voorzieningen, aan te pakken. Volgens de kerkelijk leiders hebben voedselbanken het afgelopen jaar meer dan een miljoen mensen geholpen, zo berichtte de krant The Guardian woensdag.

De hulporganisatie Trussel Trust, die in heel Groot-Brittannië voedselbanken runt, heeft eveneens de noodklok geluid over de toenemende armoede en honger in het land. De afgelopen twaalf maanden hebben 913 duizend mensen voedselpakketten van de Trussel Trust gekregen, tegen ongeveer 347 duizend in de twaalf maanden daarvoor. Volgens de organisatie vertegenwoordigen de cijfers slechts het topje van de ijsberg en tonen ze aan dat het veel Britten met lage inkomens, vooral mensen met een uitkering, steeds meer moeite kost de eindjes aan elkaar te knopen. Meer dan de helft van de voedselpakketten ging naar mensen wier uitkering was verlaagd of te laat werd uitbetaald, aldus de organisatie, die daarmee uithaalde naar ministers die hardnekkig ontkennen dat er een verband is tussen bezuinigingen op de sociale zekerheid en de steeds grotere toeloop op de voedselbanken.

"Veel mensen hebben het buitengewoon zwaar, met ouders die niet fatsoenlijk eten, zodat ze hun kinderen te eten kunnen geven en meer mensen dan ooit die worden geconfronteerd met schijnbaar oneerlijke kortingen op hun uitkering", aldus Chris Mould van de Trussel Trust.

Ministers hebben wel aangevoerd dat het aantal voedselbanken enorm is uitgebreid, waardoor de vraag ook groter is geworden, maar volgens de Trussel Trust verklaart dit niet de verdrievoudiging van het aantal ontvangers van voedselpakketten. De organisatie wijst erop dat mensen niet zomaar bij de voedselbanken kunnen binnenvallen. Ze moeten worden doorverwezen door sociaal werkers en krijgen pas hulp als duidelijk is vastgesteld dat ze die nodig hebben.